Loonbedrijf Wieringa uit het Groningse Bedum schafte afgelopen voorjaar drie Krone ZX 430 GD-kortsnijwagens aan. Vijf Schuitemaker-opraapwagens volgden de omgekeerde weg. “Oprapen werd minder populair ten faveure van hakselen. Maar nu we de nieuwe Krone-opraapwagens hebben, lijkt oprapen weer iets in populariteit toe te nemen”, zegt Peter Wieringa.
Wie in het inkuilseizoen vanuit de stad Groningen richting de Waddenzee rijdt, maakt grote kans om machines van Loonbedrijf Wieringa uit Bedum in het gras aan het werk te zien. Het bedrijf, met vijftig vaste medewerkers en in drukke tijden zo’n vijftien losse krachten, heeft zijn werkgebied vooral boven de stad Groningen liggen.
Loonbedrijf Wieringa haalde vorig jaar in totaal 14.000 hectare gras binnen. Tienduizend hectare werd gehakseld, tweeduizend hectare werd in balen geperst en tweeduizend hectare werd met de opraapwagen ingekuild. Dat gebeurde met vier hakselaars plus silagewagens, twee persen en toen nog vijf opraapwagens. Dit voorjaar verlieten de vijf Schuitemaker-wagens het bedrijf. Daarvoor in de plaats kwamen drie Krone ZX 430 GD-kortsnijwagens.
“Waarom van vijf naar drie? Steeds meer veehouders kiezen ervoor om te hakselen”, vertelt Peter Wieringa. Hij runt het bedrijf samen met Jordy Oosterhof en Wilgar Tuil. Wieringa is algemeen directeur. Oosterhof doet met name de planning voor het agrarisch loonwerk. Tuil doet dit voor het grondverzet en transportwerk op het in 1971 opgerichte bedrijf.

Voorkeur van klanten en medewerkers
Bij de aanschaf van nieuwe machines luisteren Wieringa, Oosterhof en Tuil allereerst heel goed naar de wensen en eisen van klanten en medewerkers. Vorig jaar kwam er een Krone ZX van dealer Bromach uit Gorredijk op demo en deze viel goed in de smaak. Zo goed, dat het loonbedrijf drie identieke opraapwagens aanschafte. “Hij sneed mooi en loste mooi. Dat laatste is heel belangrijk voor de capaciteit op de kuil. Dankzij de contactloze elektronische gedwongen besturing is de wagen heel wendbaar. Ook op kleinere erven kunnen chauffeurs er goed mee uit de voeten. Dat komt goed uit, want met name de kleinere veehouders vragen om inkuilen met de opraapwagen”, vertelt Wieringa.
De besturing werkt met een gyroscoop op de voorste as. Die herkent wanneer de trekker een bocht maakt en zorgt voor de optimale stuurhoek van de achterste as, rekening houdend met rijsnelheid en rijrichting. Boven de dertig kilometer per uur wordt de besturing automatisch geblokkeerd. “Wat ook handig is aan het systeem, is dat je de wagen kunt bijsturen bij het achteruitrijden. Rijd je bijvoorbeeld achteruit de bult op en kom je iets te kort bij de kant, dan stuur je met de joystick iets bij. Dan gaat de wagen weer meer naar het midden toe. Daar hebben we veel gemak van”, vertelt Jordy Oosterhof.
Wijzend naar de dissel van een van de Kroneopraapwagens: “De wagens hebben dankzij de elektronische besturing een mooie, slanke dissel. Dat komt de wendbaarheid ook ten goede.” In de meeste gevallen staan er bij Wieringa John Deere 6R 215’s voor de 43 kuub grote Kroneopraapwagens.
Altijd scherpe messen
Het gemakkelijk kunnen slijpen van de messen is een ander pluspunt van de Krone-wagens, vinden Wieringa en Oosterhof. “Als het makkelijk gaat, doe je het automatisch ook vaker en beter”, is de ervaring van Wieringa. “De messencassette haal je er zo onderuit. We hebben bij elke wagen een dubbele set messen. Heeft een wagen een dag gedraaid, dan haalt onze monteur de messen eruit en hangt ze een nacht te weken in water. De volgende dag schraapt hij het vuil dat er nog op zit eraf en stopt hij ze in het automatische messenslijpapparaat. Daarin worden ze vloeistofgekoeld geslepen, alles onder dezelfde hoek. Goede snijkwaliteit is belangrijk. Makkelijk en goed kunnen slijpen is daarbij onmisbaar.”
De ZX-opraapwagens van Wieringa kunnen met 48 messen snijden op theoretisch 37 millimeter. Als optie biedt Krone ook nog een theoretische snijlengte tot 28 millimeter. De vorige wagens van Wieringa konden het gras tot 45 millimeter kort krijgen. “Er zijn wagens die korter kunnen dan 37 millimeter. Maar als je bij ons een korter product wilt, dan krijg je een hakselaar”, stelt Oosterhof. Het bedrijf koos bewust voor de OptiGrass 37 millimeter en niet voor de OptiGrass 28 millimeter. “Ik kan me voorstellen dat het voor een loonwerker die één hakselaar heeft handig is om een extra kort snijdende wagen te hebben. Dan kun je in de herfst je klanten ook nog een kort product in de kuil aanbieden. Maar hier hoeft dat niet. We hebben vier hakselaars, waarvan er altijd wel eentje uitgerust is voor het gras.”
Goed snijden over de volle breedte
Over de snijkwaliteit van de Krone-wagens zijn Wieringa en Oosterhof heel tevreden. De wagen snijdt goed over de volle breedte dankzij de integraalrotor met SplitCut. “Normaal gesproken wordt gras dat aan de zijkant via de rotor naar binnenkomt minder goed gesneden. Krone heeft nu een rotor ontwikkeld die dit voorkomt. Het buitenste gras wordt opnieuw voor de rotor gegooid. Er komt overal evenveel gras voor de messen, wat bijdraagt aan een goede snijkwaliteit over de hele breedte.”
Toevoegmiddelen gemakkelijk bijvullen
De medewerkers van het loonbedrijf zijn ook erg blij met het geïntegreerde systeem voor kuiltoevoegmiddelen op de wagens. De 200 liter grote inkuilmiddeltank is makkelijk bereikbaar via de achterkant van de wagen. “Het werkt super”, zegt Oosterhof. “Je kunt het systeem heel gemakkelijk vullen. Je hoeft nergens op te klimmen.”

Oprapen wordt weer populairder
Al met al is men bij het loonbedrijf heel tevreden over de opraapwagens. “De jongens gaan er graag mee op pad”, stelt Wieringa. “De inkuilcapaciteit is hoog en de snijkwaliteit is goed.” Deze informatie gaat ook rond onder klanten van het loonbedrijf. Het aantal klanten dat wil oprapen neemt weer toe. Een aantal is weer teruggegaan van hakselen naar oprapen. “We hebben nu drie opraapwagens, maar werk voor 3,5”, besluit hij.
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: Loonbedrijf Wieringa en Gerben Hofman




